Wie helpt de vluchtelingen in Libie II

Met toenemende ergernis volg ik het debat in Nederland over Libische vluchtelingen. De discussie die nu gevoerd wordt gaat volkomen voorbij aan de fundamentele veranderingen die nu in de regio plaatsvinden.

Vandaag herhaalde premier Rutte dat de Libische vluchtelingen niet in Nederland kunnen worden opgenomen, dat ze in de regio moeten worden worden opgevangen zodat ze zo snel mogelijk terug kunnen keren als het regime gevallen is. 

Kortzichtige woorden vanuit een angstige Nederlandse asieldiscussie, gebaseerd op een gebrek aan kennis en inzicht in de mogelijke implicaties van een groeiende vluchteligenstroom uit Libie. In de eerste plaats voor de buurlanden maar uiteindelijk ook voor Europa.    

De grote denkfout die Rutte lijkt te maken is dat het Libiers zijn die nu tijdelijk het geweld van de dictator ontvluchten. Dat is niet het geval.

Libie is een olie-staat met een olie economie. Het is een van de rijkste landen van Noord Afrika. Naast een bevolking van zes miljoen Libiers zijn er drie miljoen expats, gastarbeiders, migranten, vluchtelingen en illegalen die allemaal op de een of andere manier meeprofitereerden van de olierijkdom, of in Libie een opstapje zagen naar Europa.

Voor deze mensen is er nu even geen plaats in Libie. Veel vluchtelingen komen bij de grens aan met verhalen over vijandschap, mishandeling en beroving.

Nu het systeem uit elkaar valt, de opstand militariseert tot een oorlogssituatie en de economie stilligt zijn het vooral deze mensen die Libie willen verlaten. Niet voor niets evacueren de Europeanen en Amerikanen hun burgers, net als de Chinezen en Turken.

De grensovergangen met Tunesie en Egypte stromen vol. Niet zozeer met Libiers die het geweld ontvluchten maar vooral gastarbeiders uit Noord-Afrika. 

Egypte en Tunesie bevinden zich in een moeilijke overgangsperiode, het is de vraag hoe ze de repatriering van zoveel mensen moeten verwerken, en wat op termijn de economische gevolgen zijn.

Tot op dit moment zijn ze redelijk in staat, met hulp van buitenlandse hulpinspanningen, de vluchtelingenstromen, de repatriering van vooral hun landgenoten af te handelen. De vraag is hoe of ze dat ook kunnen als meer en meer mensen gaan vluchten. De vraag is of ze in staat zullen zijn, of bereid zijn om al die niet-Egyptenaren en Tunesiers op te vangen,  zoals Rutte voorstelt.

Een bron van zorg is het lot van de vele Afrikanen in Libie. Ze werden al niet goed behandeld, waren al overgeleverd aan de grillen van de Libiers, maar nu hebben ze helemaal te vrezen vanwege de rol van Qadhaffi’s Afrikaanse huurlingen. De vraag is waar deze mensen naartoe kunnen? Wie gaat hen beschermen?

Met de mogelijk aanstaande val van Qadhaffi valt ook een belangrijke schakel in de ‘grensbewaking’ van Europa. Het was Qadhaffi die voor Europa een deel van de grens bewaakte en de instroom van vluchtelingen en migranten inperkte.

De komende tijd zullen nog veel meer buitenlanders Libie proberen te verlaten. Egypte en Tunesie zullen een buitensporig hoge last moeten dragen, op een moment dat ze daar door de omwentelingen echt niet op toegerust zijn. Ze zullen het alleen aankunnen als er een enorme internationale en vooral Europese inspanning geleverd gaat worden, om de vluchtelingen op te vangen of te hervestigen.

Tegen de achtergrond van de zwaarte van deze ontwikkelingen is de Nederlandse vluchtelingendiscussie pervers en irrelevant.

Advertenties

Over Evert- Jan Grit

programmaleider Midden-Oosten
Dit bericht werd geplaatst in Libie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s