Gastblog Egbert Wesselink: Shell heeft in Syrië niets gedaan voor de mensenrechten

De EU heeft de import van olie uit Syrië verboden. Shells uitspraak waarin de mensenrechtenschendingen worden veroordeeld is te laat vindt IKV Pax Christi.

Welke lessen kunnen we trekken uitde controverse over Shells rol in Syrië? Shell lijkt één belangrijke les te hebben geleerd. Op 30 augustus zei president-directeur Dick Benschop dat Shell het geweld in Syrië krachtig veroordeelt en ook de daarmee gepaard gaande mensenrechtenschendingen.

Dat lijkt nogal wiedes, maar is historisch. Mij schiet geen ander voorbeeld te binnen waarbij zo’n groot bedrijf ondubbelzinnig het criminele gedrag van zijn gastheer veroordeelt zonder dat het er zelf slachtoffer van is. Vorige week plaatste de Franse oliemaatschappij Total op zijn website al een algemene veroordeling van mensenrechtenschendingen door regeringen in het Midden-Oosten. Dat is geen alledaagse uitspraak voor Total. De twee energiegiganten zetten hiermee een nieuwe norm: bij grootschalige en systematische mensenrechtenschendingen tegen medeburgers kruipen grote ondernemingen niet weg, maar zeggen ze waar ze voor staan.

Vanaf het moment dat IKV Pax Christi Shell opriep zijn activiteiten in Syrië op te schorten, zei Shell dat het in Syrië kon blijven omdat het er zijn algemene beleidsuitgangspunten kon toepassen. Maar kan het dat inderdaad? Shells eigen norm is: ‘het steunen van fundamentele mensenrechten voor zover dat binnen de legitieme rol van het bedrijfsleven past’.Wat heeft Shell voor de mensenrechten gedaan sinds president Assad besloot om
demonstranten dood te schieten? Helemaal niks. Als reden voert het bedrijf aan dat het niet aan politiek doet en zijn personeel niet in gevaar wil brengen.

Sinds wanneer is een groot oliebedrijf vies van politiek? Het martelen van politieke tegenstanders is politiek beladen, serieus problemen hebben met martelen dus ook. Als andere beleidsuitgangspunten in het geding zijn, zoals zorg om het milieu of de aandeelhouderswaarde, spreekt Shell zich wel gemakkelijk uit en lobbyt het soms actief voor politieke veranderingen. De veiligheid van het eigen Syrische personeel is natuurlijk enorm belangrijk, maar ik vraag me af of dat zo snel gevaar loopt. Shells Syrische personeel is geen dwarsdoorsnede van de bevolking. Hoog opgeleid en erin
geslaagd begerenswaardige banen te krijgen in een verrot totalitair systeem, het lijkt me sterk dat er veel Shell-mensen aan de demonstraties meedoen. Het is niet het soort mensen dat door Assads moordbrigades op de korrel wordt genomen.

Vijftien jaar geleden zag Shell terecht in dat een grote onderneming de instemming van de
samenleving nodig heeft. Het is duidelijk dat Shell in Syrië deze instemming niet heeft. Al sinds mei worden bij de demonstraties in Syrië massaal belastingaanslagen, energienota’s en alle andere rekeningen van de overheid verbrand. De demonstranten weten dat het regime zijn macht verliest zo gauw het de eigen mensen niet meer kan betalen. Precies daarom heeft de EU een olie-embargo ingesteld.

Er is sinds mei geen sprake van dat Shell in Syrië zijn werk doet met instemming van de samenleving. Duizenden Syrische burgers eisen hun menselijke waardigheid op en lopen iedere dag het risico om doodgeschoten te worden. Shell had al veel eerder openbaar moeten laten weten dat de misdaden van de regering onaanvaardbaar zijn. Het
had als bedrijf zijn gewicht in de schaal kunnen leggen door te laten weten dat het geen economische toekomst ziet in een land waar zijn belangrijkste zakenpartner, de regering, een misdadiger is. Het had de pakweg een kwart van de bevolking die nog niet anti-Assad is, omdat ze nu nog goed wegkomt, kunnen laten weten dat het alleen in de toekomst in Syrië wil investeren als de rechtsstaat wordt gerespecteerd onder een evenwichtige, stabiele regering.

Om te laten zien dat het menens is, had Shell de handel in Syrische olie al kunnen stilleggen voordat de EU dat afdwong, kunnen ophouden schepen te charteren om Syrische olie te exporteren en een visie kunnen ontwikkelen om te voorkomen dat opvolgers van Assad een failliet land erven.

Het bedrijfsleven heeft hard geijverd voor liberalisering van de wereldeconomie. Meer vrijheid voor ondernemingen betekent minder macht voor staten. Vrijheid zonder verantwoordelijkheid is rampzalig. Vandaar de opkomst van het maatschappelijk verantwoord ondernemen, waarvoor je soms een prijs moet betalen. Shell heeft in Syrië zijn eigen beleidsuitgangspunten geschonden. De dappere uitspraak van dinsdag kwam te laat en was te weinig omvattend.

Egbert Wesselink werkt als ‘specialist ondernemen in conflictsituaties’ bij IKV Pax
Christi.

 

Advertenties

Over Evert- Jan Grit

programmaleider Midden-Oosten
Dit bericht werd geplaatst in Gastblog, Nassama, Syrië. Bookmark de permalink .

3 reacties op Gastblog Egbert Wesselink: Shell heeft in Syrië niets gedaan voor de mensenrechten

  1. Laatste Nieuws:

    Shell heeft nu offcieel bekendgemaakt dat ze alle uistaande orders voor het importeren van Syrische olie naar de EU hebben gecanceled. Eerder al hebben ze IKV Pax informeel toegezegd dat uitstaande orders (in ieder geval een tanker), in afwachting van de verscherpte sanctiemaatregelen, ‘on hold’ hadden gezet. Deze zijn dus gecanceled. Hiermee gaat Shell een stap verder dan de EU sanctiemaatregelen en het embargo op de import van Syrische olie dat ruimte laat om tot 15 november uitstaande orders af te handelen.

  2. Louis G.L. Hofman zegt:

    Het zijn geen eenvoudige besluiten. Er is immers ook de concurrentie die in het gat kan stappen wat men achterlaat. Laten wij met betrekking tot specifiek de olie industrie niet vergeten dat China hier enorm behoefte aan heeft en het afgelopen decennium dan ook enorme investeringen heeft gedaan overal in Afrika. O.a. in landen waar het ook niet altijd even fraai aan toegaat zoals Angola en Sudan. Niet actief te zijn in een land heeft dan ook lang niet altijd een positieve bijdrage. Ik kan mij dan ook heel goed voorstellen dat men wacht tot de politiek een besluit neemt over sancties e.d. Laten wij wel zijn, dat heeft in het geval van Syrië toch absurd lang op zich laten wachten. De keerzijde is dat Shell in i.p.v. af te wachten, had kunnen lobbyen om Syrië sancties op gelegd te krijgen. Al is dat natuurlijk ook niet eenvoudig: te besluiten zich af te zetten tegen een opdrachtgever. Al met al, ik ben blij dat ik niet op de stoel van de bestuurder zit in dit soort gevallen.

    • Mark zegt:

      Dezelfde gedachte kwam in mij op tijdens het lezen van het stuk van Mr. Wesselink. Principieel heeft de auteur wellicht gelijk, echter bij de afwezigheid van een level playing field is de beslissing alles behalve voor de hand liggend.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s